Als u gisteren ook op dit blog verkeerde, dan houd ik niet alleen van u, maar dan weet u ook dat ik in de klauwen van een zelfgoeroe ben gevallen. En vandaag heb ik het wéér over goede voornemens. Maar vreest niet! Deze zijn luchtig van aard.
Toen ik vorig jaar chef internet bij NRC werd, was een van m’n eerste stappen – na het bij elkaar zoeken van een club fantatische internetredacteuren op twitter.com – het ophangen van een beeldscherm. Niet alleen voor teletekst, maar vooral voor de Wii. Na een zenuwslopend uur livebloggen, luchtte niets meer op – nou ja, binnen de mogelijkheden van de redactie – dan een potje Wii-tennis.
Wij, internetredacteuren, groeiden uit tot ware virtuele McEnroe’s, maar moesten elke dag de spot ondergaan van onze papieren collega’s. Op een paar bijzonder aardige uitzonderingen na, riepen zij iets in de volgende trant: ‘nou nou, hard werken hier hoor!’.
Bedoelde ze natuurlijk niet lullig, op een paar vervelende uitzonderingen na, maar in elk grapje zit een kern van waarheid. Spelen op het werk is not done. Terwijl het zo heerlijk is!
Want niemand, maar dan ook niemand, kan acht uur achter elkaar geconcentreerd werken. En dus klamp je je dan vast aan het koffieapparaat, of een sigaret. Of je buffelt als maar door, en betrapt je zelf er soms op dat je tien minuten glazig naar het scherm kijkt.
Terwijl, als je na een uur gefocused werken de spanning even uit je lijf kan rammen, ga je daarna weer fris aan het werk. En je hoeft ook geen team building-uitjes meer te organiseren, want samen tennissen schept al een band.
Bij Brainsley hebben we iets meer ruimte. Tot het vol zit met programmeurs, benutten we die met een tafeltennistafel. Ik kan het u van harte aanbevelen. Hier, ter enthousiasmering, de mooiste tafeltennispunten van 2011. Mijn collega Niels van Hoorn vond ze op Kottke. Wij van Brainsley zitten er nog niet tussen. Nog niet.
Dan ga ik nu Niels van tafel vegen.
PS. ‘bottle soccer‘ is ook een mogelijkheid.
