Een bezoek aan de uitgever is gezellig – met thee, koekjes en de therapeutische werking van ongegeneerd vertellen over wat je zoal gedaan hebt de laatste tijd – en kent aan het einde altijd een hoogtepunt: een boek. Nog nooit ben ik het pand van de Bezige Bij uitgelopen zonder een roman onder de arm. Gratis leesvoer van een Goed Huis. Ongeveer een jaar geleden kreeg ik Peter Buwalda’s Bonita Avenue mee. ,,Daar verwachten we heel veel van, de HP/ De Tijd heeft het al bejubeld,” zeiden ze bij de Bij. Ik las het boek stuk, was ontdaan van het einde, lag er uren wakker van, en zag mijn mening het best verwoord in een kaartje dat bij de Selexyz aan het Koningsplein hing: ‘a great Dutch Novel’.

Dat had ik toen moeten opschrijven, toen alleen de HP/ De Tijd nog positief was. Dan was ik een voorloper geweest. Maar nu je lof uiten over Bonita Avenue is als roepen dat je er onlangs achter kwam dat Venetië alleraardigste kanalen heeft. Na een langzame start, een relletje met verscheurde boeken en aantal niet verzilverde nominaties voor boekenprijzen, en een paar die hij daadwerkelijk in ontvangst mocht nemen, is Buwalda nu bon ton. En terecht.

Maar genoeg over het succes. Boekenprijzen zijn alleen maar interessant als je er zelf aan deelneemt en verder niets meer dan een aardig keurmerk achteraf. Buwalda geniet er ook niet van, vertelt hij aan Jeroen Vullings van Vrij Nederland. En dat is waar ik heen wilde, dat kostte me deze tweehonderd woorden, om u dringend aan te raden dat interview te lezen. Het is een rauw portret van een harde werker. Het is een ode aan de noodzaak van het schrijven. En het heeft maar twintig ‘likes’ op Facebook (wat een kutland is dit af en toe). Daarom: klik! En bewonder.