Regulier televisiekijken neemt nu ook in Nederland sterk af

Piet Bakker publiceert ter ere van het NOS-jubileum cijfers die laten zien dat jonge mensen veel minder traditioneel televisiekijken. Voor iedereen die zelf jong is of met jonge mensen woont is dat natuurlijk geen verrassing. Want waarom zou je nog tijd verspillen aan het wachten op een programma of het kijken van reclame, als je de beste programma’s en video’s gewoon kunt kijken wanneer je wilt?

Voor de NOS lijkt me deze ontwikkeling niet zo’n probleem. Gewoon ervoor zorgen dat je items op alle platforms (terug) te zien zijn.

Wat er mis is met Making a Murderer

True crime scoort. Na de podcast Serial, is nu de documentaireserie Making a Murderer thunderpopulair. Het gaat over Steven Avery, een man die achttien jaar lang onschuldig heeft vastgezeten voor verkrachting. Twee jaar na zijn vrijlating wordt hij aangehouden voor een moord. Ook onterecht, aldus de makers.

Na veel gejubel over deze serie – en een nutteloze petitie voor vrijlating aan Obama– publiceerde The New Yorker deze week eindelijk een kritisch geluid. Dit zijn de grootste problemen met true crime in het algemeen, en Making a Murderer in het bijzonder:

  • het maakt van een persoonlijke tragedie publiek entertainment;
  • het gaat voorbij aan de grotere context van dit soort zaken: gesjoemel met politiebewijs overkomt (al dan) niet alleen Avery, het is een wijdverbreid probleem;
  • en de belangrijkste: de serie promoot twijfel niet, maar wil er alleen maar voor zorgen dat je gelooft dat Avery onschuldig is.

Belangrijk citaat:

“To me, the fact that the response was almost universally ‘Oh, my God, these two men are innocent’ speaks to the bias of the piece. A jury doesn’t deliberate twenty-some hours over three or four days if the evidence wasn’t more complex.”

Voor welk type verhalen willen lezers betalen?

Topjournalist Steve Brill had ooit een paywallbedrijf voor kranten. In een openhartig interview met Poynter vertelt hij over zijn ervaringen uit die tijd. Hij zegt hele zinnige dingen (onderbouwd met verkoopcijfers!) over het type verhalen waar online lezers graag voor betalen: kwalitatief hoogstaand lokaal nieuws, tests van de Consumentenbond en onderzoeksjournalistiek.

PS. Je kent Brill vast van dit verhaal uit 2013 waarin hij zorgkosten minutieus ontleedt

Zelfs Uber wordt nu een nieuwsplatform

Ondertussen dient Uber zich ook als mediaplatform aan. Op achterbanken wereldwijd zitten reizigers zich natuurlijk te vervelen, en Uber weet óók nog eens precies hoe lang die verveling duurt.

Dus misschien wil je in dat ritje van een kwartier een interessante longread lezen? Of kijk je liever een video?

Publicaties kunnen via de Uber API dit soort ‘Trip Experiences’ gaan aanbieden. What’s in it for Uber? Simpel, de hele Uber-beleving wordt er een stuk beter van – waardoor je minder snel overstapt naar een andere taxiservice. En hoe meer bedrijven Uber in hun bedrijfsvoering integreren, hoe belangrijker de rol van Uber.

Wat kunnen uitgevers met de populaire messaging apps?

Messenger apps zoals Facebook Messenger en Whatsapp hebben bij elkaar meer maandelijkse gebruikers dan hun moedernetwerken. In China kun je met de messenger app WeChat al van alles regelen, zoals het boeken van een taxi of vlucht, of iets afrekenen in een winkel. In de westerse wereld moeten we volgens Zuckerberg en co ook naar dat scenario. En dat betekent automatisch dat wij mediamakers daar ook mee aan de bak moeten. Of niet?

Messenger apps zijn populair

Lees allereerst dit overzichtsartikel om te begrijpen hoe de toekomst van Messenger apps eruit ziet (en hoe groot de markt al is).

Als messaging apps dé toegangspoort tot allerlei nieuwe services worden (en bijvoorbeeld de browser minder belangrijker wordt), wil je daar als publicatie natuurlijk tussenzitten. De eerste experimenten lopen al, zo kun je als voetbalfan direct in Facebook Messenger transfernieuws ontvangen van de Duitse krant Bild.

Nu linkt Bild in die chat-berichtjes nog naar nieuwsartikelen op hun site, maar eigenlijk is dat niet meer nodig. Het hele idee van Messenger is dat je de app juist niet hoeft te verlaten. Alles wat je over een voetbaltransfer moet weten, past ook wel in een Messenger-bericht. Als linken daadwerkelijk overbodig wordt, is dat om twee redenen interessant:

  1. Je krijgt als publicatie dan helemaal geen verkeer uit Messenger, dus hoe verdien je dan geld? Zou je een soort premium service kunnen aanbieden? Dat consumenten zich kunnen abonneren op waardevolle alerts (in de financiële sector, bijvoorbeeld)?
  2. Als een nieuwsitem alleen in Messenger bestaat, heeft het geen publieke plek meer. Daardoor verandert er veel: zo bestaat er geen hyperlink naar toe, het bericht leeft in ieders eigen Messenger app. Als je het wil delen, kun je niet linken, alleen maar de tekst kopiëren. Rectificeren is niet mogelijk binnen het bericht zelf. Etcetera!

De eerste barstjes in het viral web worden zichtbaar

Sorry, misschien ligt het aan de naderende blue monday, maar dit is een pessimistisch artikel. Ik ga het hebben over het failliet van het viral web. Met optimistische eindnoot, dat dan weer wel.

Onlangs deelde ik een artikel waarin een bekende mediajournalist omschreef hoe moderne media-imperiums gebouwd worden. In een notendop: bouw een groot bereik op via Facebook, gebruik dat bereik om miljoenen aan investeringen binnen te halen, neem van dat geld ‘echte’ journalisten aan om je reputatie te vestigen.

Maar nu beginnen de eerste barstjes in dat model zichtbaar te worden. Lees verder De eerste barstjes in het viral web worden zichtbaar

Zeer indrukwekkend betoog voor een eenvoudig internet

Eerder schreef ik over de nieuwe media-imperiums. Maar gaan zulke sites als Mic, Buzzfeed en The Huffington Post ooit die miljoeneninvesteringen terugverdienen?

Internetondernemer Maciej Cegłowski denkt van niet. Je kent hem misschien van Pinboard, een bookmarking-site die altijd advertentievrij is geweest, een spartaans design heeft en alleen te gebruiken is als je betaalt (11 dollar per jaar). Vooral dat laatste was zeer bijzonder toen de site in 2009 lanceerde. Inmiddels gaan we steeds meer naar een web toe waar je moet betalen voor kwaliteit, en dat vindt Cegłowski heel logisch. Want, schrijft hij, de advertentie-bubble staat op barsten. Om hun miljoeneninvesteringen toch terug te verdienen, schenden uitgevers en advertentiebedrijven onze privacy steeds meer en stoppen ze hun sites vol met zware trackers en advertenties.

Maciej Cegłowski pleit voor een eenvoudig web. Waar onze rechten veilig zijn. Negeer de verschrikkelijke art direction en lees dit belangrijke betoog alsjeblieft helemaal uit.

Waarom ik in 2015 een voetbalsite mede oprichtte

Halverwege 2010 moest ik als hoofd digitaal bij NRC Media de site van NRC Handelsblad vernieuwen. De eerste stap was het samenstellen van een internetredactie. Een van de redacteuren die meedeed, was voetbalkenner Jules Seegers.

We schreven een aantal weken met de hele redactie een beta-site vol, en op een maandag publiceerde Jules opeens een keer ‘de goal van het weekend’. Hij koos uit alle doelpunten uit alle competities de mooiste (de eer viel ten deel aan Jonathan Hayes van toen Inverness Caledonian Thistle FC – inmiddels bij Aberdeen).

Dat moeten we voortaan elke maandag doen, zei ik, en een rubriek was begonnen. In de woorden van Jules: ‘De chef was na zes maanden al weer gevlogen, de rubriek bleef.’

Ik was inderdaad gevlogen, maar ik bleef de doelpunten trouw elke maandag tijdens de lunch bekijken. Het geeft toch een lekker gevoel, dat je weet dat je geen enkele mooie goal mist. Dat de site uit semi-illegale bijelkaar geraapte beelden bestaat, maakt het een mooie daad van verzet tegen de kapotgesponsorde industrie.

Toen afgelopen herfst bleek dat de rubriek geen onderdeel zou uitmaken van de nieuwe nrc.nl, was ik in mineur. Kun je niet gewoon doorgaan, mailde ik Jules. En een minuut later: ik bouw de site wel!

Tot mijn grote plezier wilde Jules door en was Justus Bruns bereid in een dag een logo te maken (zodat we geen maandag zouden missen). En op 20 oktober 2015 ging de rubriek door alsof er niets gebeurd was met een afstandsschot van Pjanic.

Het maandagse ritueel blijft ook in 2016 bestaan. Met minder bereik op nrc.nl, maar wel met betere mogelijkheden om een schare fans op te bouwen. Op nrc.nl bestond niet de mogelijkheid de rubriek zelf te volgen, maar die hebben we op goalvanhetweekend.nl natuurlijk wel. Zo kun je ervoor kiezen elke maandagochtend om tien uur de goals in je mail te ontvangen, of zoals 358 anderen de doelpunten in je Facebook Newsfeed te zien.

Je zou in die zin ook kunnen zeggen dat het een nieuwsbrief met een site is.

Om het eerste zelfstandige jaar mooi af te sluiten, verzamelde Jules op de valreep de tien mooiste goals van afgelopen jaar. Met natuurlijk…. Martin Hansen:

Wil je voortaan elke maandag de mooiste goal in je e-mail ontvangen? Geef je hieronder op:

De Pijpers zijn de baas van steeds meer ‘blaadjes’

Och, van dit verhaal in Villamedia druipt de romantiek toch af: een Groningse familie die bladen als de Playboy en de Grazia opkoopt om hun drukkerij draaiende te houden én ze dan ook nog op beter papier afdrukt. Bovendien keuren ze in familiebedrijf Pijper Media het liefst alle facturen nog zelf goed. Fijn verhaal over de liefde voor uitgeven. Alleen baart het gebrek aan een digitale strategie een beetje zorgen.

Klik hier om het besproken artikel te lezen