Categorieën
Journalistiek

Interview met Amerika-correspondent Freek Staps

Ernst-Jan Pfauth interviewt de komende weken de nieuwe lichting Amerika-correspondenten. Nummer twee in een serie van vier, Freek Staps. Hij is correspondent voor het NRC Handelsblad en BNR Nieuwsradio. Ik ontmoet hem in een Italiaans grandcafé op Fifth Avenue, recht tegenover de Public Library en volgens Staps ‘één van de weinig goede cafe’s in midtown‘.

,,Niet elk verhaal hoeft een Jan of Koos te bevatten.”


Waarom ben je correspondent geworden?
,,Een correspondentschap in Amerika is de ideale journalistieke baan, er gebeurt meer dan te schrijven valt. Verder heb je als correspondent vrijheid, je kan je eigen keuzes maken. Je hebt niet de lasten van het vak, maar wel de lusten. Bovendien gaat het om de kern van journalistiek: je bericht over gebeurtenissen vanuit een ander gebied.”

Wat fascineert je aan Amerika?
,,De Verenigde Staten ondervinden verschillende bedreigingen. Nieuwe economische grootmachten, zoals China en India, verrijzen en uitbesteding van werk aan goedkope arbeidskrachten in deze landen –outsourcing – veroorzaken werkloosheid. Kortom, bepaalde delen van de Amerikaanse economie zijn in verval. Het is zeer interessant om daarover te berichten. Hoe gaat een land met deze tegenslagen om?”

Hoe bepaal je of een item geschikt is voor Nederland?
,,Een Nederlandse invalshoek is niet nodig. Niet elk verhaal hoeft een Jan of Koos te bevatten. Nederlandse lezers hebben ook interesse voor verhalen uit Amerika waar geen Nederlander in voorkomt. Ik richt me liever op de bredere ontwikkelingen binnen het land, die veel mensen beïnvloeden. Het gaat dan vaak om enorme sommen geld.”

Hoe ga je te werk?
,,Nadat ik een keuze voor een onderwerp heb gemaakt, reis ik af en praat ik met mensen.
Ik zal aan de hand van mijn ervaringen in het door de orkaan Katrina getroffen Lousiana uitleggen hoe ik Nederland een nieuwe kijk op het wereldnieuws probeer te geven.

Kort nadat Katrina over Lousiana heen was geraasd, reisde ik naar New Orleans. De ramp had plaatsgevonden, de grootste nood was over. Wat nu? Ik ben toen door de grotendeels verlaten straten van New Orleans gaan rijden en praatte met bijna iedereen die ik tegenkwam. Ik bezocht ondernemers, sprak met serveersters in vrijwel lege restaurants, bezocht de universiteit en interviewde een werknemer van de Kamer van Koophandel. Op een bloedhete middag zag ik een begrafenisondernemer in een korte broek stukken hout uit zijn bedrijfspand hakken. Toen ik hem vroeg waar hij mee bezig was, legde de man uit dat hij door schimmel aangetaste delen moest verwijderen om zijn gebouw te redden. Hij vertelde over de problemen en uitdagingen die hij in deze moeilijke tijd had. Om zijn woorden kracht bij te zetten, vroeg hij mij naar binnen en toonde in een achterkamertje een lijk. Het dode lichaam was van voor de ramp, maar zag er nog redelijk uit. De begrafenisondernemer had het vol chemicaliën gespoten zodat als de nabestaanden terug naar de stad kwamen, hun geliefde nog toonbaar zou zijn. Met zo’n praktijkvoorbeeld laat je aan het publiek zien wat echt speelt in een door een ramp getroffen stad. Vervolgens toon je het in een breder perspectief.”

Hoe vind je het om op journalistiek vlak in je eentje te werken?
Eigenlijk werk ik niet alleen, ik heb wekelijks overleg met de redactie in Nederland. Maar in New York opereer ik natuurlijk wel alleen, dat vind ik fantastisch. Het ontdoet je van veel lasten. Ik heb geen vergaderingen, geen strubbelingen op de redactievloer en bovendien kan ik me volledig concentreren op mijn werk”.

Hoe bouw je een netwerk op in New York?
,,Ik schrijf elke keer een over een ander onderwerp, dus het is lastig om een netwerk van deskundigen te gebruiken. Ik probeer het natuurlijk wel. Verder doe ik geen verslag van de Amerikaanse politiek, dus dat scheelt ook al in het netwerken.”

Je hebt een weblog, kan je daar wat meer over vertellen?

,,Een weblog is een perfecte mogelijkheid om het verhaal achter het verhaal te laten zien. Wat niet in de krant past, zet ik op mijn weblog. Tevens is het inkijkje in hoe een correspondent te werk gaat. Zo zijn de keuzes voor nieuws die ik maak beter uit te leggen.Verder is het een andere kijk op Amerika. Als correspondent weet je toch meer van het land af dan andere Nederlanders.

Een ander voordeel is dat ik direct kan communiceren met mijn bezoekers. Dat ervaar ik als de ideale manier om uit te leggen waarom journalisten zo belangrijk zijn.”

Hoe kijken Amerikanen tegen Nederlanders aan?

,,Als ik zeg dat ik uit Holland kom, denken Amerikanen vaak dat ik Holland in de staat Michigan bedoel. Ze weten niet zoveel over ons kleine landje. Nederland is qua oppervlakte en invloed op de wereldpolitiek natuurlijk niet met de VS te vergelijken. Aan de andere kant, Nederlanders weten op hun beurt vaak ook niet waar Montana en Alabama liggen.”

En hoe denken Nederlanders over Amerikanen?

,,Lastige vraag, hoe kan ik voor alle Nederlanders praten? In Nederland lijken zestien miljoen Amerikakenners te wonen. Als je doorvraagt, blijkt dat tegen te vallen. Er bestaan veel misverstanden over Amerika.”

Welke journalisten zijn je voorbeelden?
,,Ik heb groot respect voor oud-correspondent Marc Chavannes, die een mooi en inzichtelijk beeld van het land gaf, zonder dat hij clichés herbevestigde.”

Hoe is de interactie met andere correspondenten?

,,Een aantal correspondenten zie ik weleens in mijn vrije tijd. Vaak hebben we echter te weinig tijd om wat met elkaar te drinken. We hebben nu eenmaal een druk bestaan en reizen veel. Ik drink weleens een biertje met Erik Mouthaan (RTL) en Diederik van Hoogstraten (Volkskrant). Maar omdat we alledrie Nederlanders zijn, leren we daar niks van. Als correspondent kan je beter de Amerikaanse bevolking opzoeken.”

Reacties zijn gesloten.