De jubelstemming rond aanstaande beursgang van Snapchat verdwijnt

Onterecht, overigens. Ondanks de nog bescheiden cijfers en opkomst Instagram.

Snapchat gaat ondertussen bijna naar de beurs. Uit de ingediende cijfers blijkt dat Snapchat meer gemeen heeft met het Twitter van voor de beursgang dan met het Facebook van voor de beursgang.

Zo maakt Snapchat dik verlies net als Twitter toen (in tegenstelling tot Facebook, dat bij de beursgang al een miljard dollar winst maakte.)

Snapchat heeft 158 miljoen dagelijkse gebruikers, Twitter had er 218 miljoen maandelijks en Facebook 483 miljoen dagelijks.

Dus concluderen de techbloggers: de cijfers van Snapchat zijn niet spectaculair. Bovendien gaat Instagram de laatste tijd heel lekker met gekopieerde Snapchat-functies.

Dag jubelstemming!

Ik vraag me af of dat terecht is. Bij Facebook twijfelde de pers ook. Zo klaagden ze toen dat Facebook nog weinig verdiende aan mobiele advertenties.

Inmiddels maken mobiele ads 84% van Facebooks advertentieomzet uit.

Ik kijk liever naar de productstrategie van een sociaal medium. Die is bij Snapchat – net als bij Facebook toen – ijzersterk (en bij het zwalkende Twitter niet).

Hoe Instagram zichzelf opnieuw uitvond

Instagram was te mooi en te gelikt. In juni 2016 werd duidelijk dat gebruikers zo’n hoge barrière ervoeren om te posten, dat de activiteit begon terug te lopen.

Ondertussen werd Snapchat steeds populairder.

Dus dachten ze bij Instagram: we moeten toegankelijker worden. Vervolgens kopieerden ze een reeks Snapchat-functies, zoals ‘Stories’ en berichten die verdwijnen.

Met succes, want afgelopen jaar steeg het aantal actieve gebruikers met 100 miljoen naar 600 miljoen. Lees in deze reconstructie op Recode hoe ze het voor elkaar kregen.

Instagram gaat thunderlekker (en dit kun je er als journalist mee)

Aangezien Instagram elke paar weken een kloon van een Snapchat-functie lanceert, vermoed ik dat ze zichzelf als concurrenten zien.

Instagram lijkt echter niet te lijden onder de populariteit van Snapchat, want het Facebook-bedrijf zag vanaf 2014 haar aantal actieve maandelijkse gebruikers verdubbelen naar 600 miljoen. In het afgelopen half jaar kwamen er 100 miljoen bij.

Wat kun je daar als publicatie mee? Continue reading “Instagram gaat thunderlekker (en dit kun je er als journalist mee)”

Het chique Instagram wil meer op het luidruchtige Snapchat lijken

In 2013 bood Facebook drie miljard dollar aan Snapchat voor een overname. Tevergeefs.

Sindsdien deed Facebook drie pogingen om Snapchat-gebruikers terug te lokken: Poke, Bolt en Slingshot. Geen van deze producten bestaat nog.

Nu is daar poging vier. Facebooks app Instagram lanceerde afgelopen week een vrijwel letterlijke kopie van Snapchat Stories. Gebruikers kunnen voortaan een foto of video maken, er een beetje overheen schrijven of tekenen en die vervolgens tijdelijk plaatsen.  Continue reading “Het chique Instagram wil meer op het luidruchtige Snapchat lijken”

Facebook maakt jacht op tieners

Als ik zie dat iemand vrijwel alleen maar zelfportretten op Instagram zet, ervaar ik gevoelens van medelijden. Doet ie dat nou uit onzekerheid? Zonder ironie jezelf vastleggen is niet meer cool, maar narcistisch. ‘Het tijdperk van opscheppen is over‘, kopte The Verge. Niet al mijn generatiegenoten zijn het daar mee eens, maar volgens Amerikaanse technologiebloggers leven vrijwel alle tieners bij dat adagium. Jongeren construeren een imago door te tonen wat ze mooi vinden, in plaats van zichzelf zo mooi mogelijk vast te leggen. Dus verruilen die pubers netwerken waar het om jezelf draait – Facebook – voor netwerken waar het om je smaak en selectie gaat. Zoals Instagram. Terwijl iedereen boven de achttien jaar dacht dat Instagram een app was waar je de amateurfotograaf moest uithangen, gebruiken tieners het als een sociaal netwerk. Ze maken screenshots van briefjes die ze in de Notitie-app tikten, kopiëren opvallende foto’s van nieuwssites en houden elkaar zo op de hoogte.

Of neem Tumblr, in Amerika is dat volgens sommige onderzoeken al bijna populairder onder jongeren dan Facebook. Voor volwassenen is het een blogservice, voor tieners een reblogservice. Ze schrijven zelf niks, ze rebloggen alleen maar foto’s, video’s en Animated GIFjes van hun favoriete bands en beroemdheden. Net zoals je vroeger stickers op je schoolagenda plakte, gebruik je nu Tumblr voor zelfexpressie. En zoals je ouders vroeger niet je schoolagenda mochten inkijken, begeven tieners zich op netwerken waar volwassenen hen niet weten te vinden.

In hun zoektocht naar privacy stuiten jongeren op apps als Snapchat, waarbij je elkaar foto’s kan sturen die zichzelf na tien seconden vernietigen. Wat een contrast met Facebook, waar moeders meekijkt (en ideaal voor naaktfoto’s, lijkt het).

Technologiejournalisten interviewen nu uit pure paniek hun neefjes en nichtjes, om ‘the next big thing’ maar niet te missen – ‘OMG, mijn zusje leest helemaal geen tekstblogs!‘. Maar de keiharde zakenlui achter Facebook hadden het probleem allang gesignaleerd. In hun jaarverslag schreven de Facebook’ers dat tieners steeds minder tijd bij hen doorbrengen en steeds meer op ‘services als Instagram’. Gelukkig lijfde Facebook voor haar beursgang nog snel even Instagram voor een miljard dollar in. En dat Snapchat? Facebook lanceerde een exacte kopie, genaamd Poke. Een flop, maar de app laat wel zien dat Facebook relevant probeert te blijven voor een generatie die hele andere ideeën van sociale media heeft, dan de generatie die ze ooit heeft bedacht.

Creëer af en toe wat

Elke paar jaar lees ik een zelfhulpboekje van Hugh MacLeod. Deze bebaarde Texaan was ooit een verveeld reclameman in New York en tekende ’s nachts in de kroeg op visitekaartjes. Toen kwam er zoiets als het internet langs en daar zette MacLeod zijn tekeningen op. Nu is hij een gevierd cartoonist die bekend staat om zijn fenomenale bullshitdetector en sarcastische punchlines:

MacLeod leeft van wat vroeger zijn hobby was en om andere creatievelingen een soortgelijk geluk te laten ervaren, schrijft hij zelfhulpboekjes met titels als Ignore Everybody. Ze zitten vol met open deuren, maar die worden zo overtuigend dichtgetrapt dat het me energie voor een maand oplevert. Zijn laatste epistel – Freedom is blogging in your underwear – kan ik in één zin samenvatten: „Just worry about MAKING your own stuff, and the rest of the Internet will look after itself.” MacLeods punt: leuk hoor, dat je grappige YouTube-filmpjes op Facebook post, maar zou je niet eens iets creëren wat je langer dan vijf minuten werk kost? Iets waar je over tien jaar nog steeds trots op bent? Verdomme, je hebt gelijk, Hugh. Continue reading “Creëer af en toe wat”

‘Internetbranche trekt zich niets aan van economische malaise’

Facebook kocht Instagram voor een miljard dollar en de conferentie van m’n oude baas The Next Web is nu dus bijna uitverkocht. Soms lijkt het alsof de internetwereld onschendbaar voor de crisis is. Lees het persbericht van The Next Web hier

Instagram: het o zo voorspelbare einde van een jongensboek

Facebookbaas Mark Zuckerberg (27) geeft om invloed, niet om geld. Toen hij als puber muzieksoftware ontwikkelde, sloeg hij een bod van Microsoft af. Vier maanden nadat hij Facebook had opgericht, hoefde hij geen minuut na te denken over een bod van 10 miljoen dollar. Natuurlijk ging hij daar niet op in. Tweeëneenhalf jaar later bedankte hij voor 1 miljard dollar van Yahoo.

Afgelopen paasweekeinde bood Zuckerberg zelf 1 miljard dollar. Hij wilde de foto-app Instagram hebben. Oprichters Mike Krieger (25) en Kevin Systrom (27) zeiden wél ja. Eeuwig zonde. Het o zo voorspelbare einde van een jongensboek dat krap twee jaar geleden begon.

Continue reading “Instagram: het o zo voorspelbare einde van een jongensboek”

NYTimes’ Brian Stelter als een robot in een rampgebied

He’s a robot’, zeggen zijn collega’s over Brian Stelter. Hij is mediaverslaggever van The New York Times en heeft ruim 60.000 twittervolgers. Kortom, de man snapt nieuwe media, en moet op Twitter wel iets bijzonders doen om zoveel volgers te hebben. Hij was bijvoorbeeld een van de eerste journalisten die de mogelijke dood van Osama bin Laden tweette. Na zijn bericht ging het pas écht hard met de geruchtenstroom op Twitter. Wat gebeurt er als je zo’n journalist als hij, iemand die de toekomst van het vak lééft, in een rampgebied neerzet? Continue reading “NYTimes’ Brian Stelter als een robot in een rampgebied”

Waarom Instagram verslavend is

Om bij te komen van het opstarten van nrc.nl en op te laden voor de nieuwe ronde vernieuwingen, zit ik twee weken in Barcelona. Mailbox is verboden gebied, twitteren doe ik minimaal. Maar ik ben verslaafd geraakt aan Instagram.

Ik had deze sociale foto-app al een tijdje op mijn telefoon staan en besloot tijdens mijn eerste dag in deze zeer fotogenieke stad om het te gebruiken als een soort methadon.

Bevindingen:

  • verfrissend om weer een nieuwe groep volgers/gidsen op te bouwen.
  • op elke foto kan je een filter loslaten. Heel hypegevoelig – over tien jaar vinden we het vast oerlelijk – maar nu verslavend om mee te experimenteren
  • je ziet meteen weer persoonlijkheidstypesterug in het gebruik van Instagram. De persoon die te veel deelt, de imagomanager, de ontzettende creatieveling en Jan met de pet op.
  • Op Instagram ben ik eerder geneigd mensen wel of niet te volgen op basis van wát ze posten, in plaats van wíé ze zijn.
  • het is bizar hoe verrassend mijn collega Arjan de Jongh de oersaaie Alexanderpolder weet vast te leggen. Ik zou nu graag naar zijn profiel willen linken, maar Instagram staat nog zó in de kinderschoenen dat die optie niet bestaat.
  • En dat leidt ons tot het fascinerende van Instagram: met een heel simpel product hebben de makers in een half jaar drie miljoen gebruikers weten te strikken. Succes met een uitgeklede service, dat klinkt als Google en Twitter. Lees op TechCrunch wat hun ambities zijn.

PS. Met bovenstaande foto heb ik mijn instagramvrienden het meest gelukkig gemaakt, getuige het aantal ‘likes’.