Zo succesvol is de bundel Amazon Prime

Netflix, Spotify, Albert Heijn, de krant, Bol.com en vrijwel elke winkel: al die bedrijven zou je in de VS allemaal kunnen inwisselen voor de dienst van één bedrijf: Amazon Prime.

Want klanten van abonnementsservice Prime krijgen voor ongeveer 100 dollar per jaar muziek, tv, film, The Washington Post en verzendkostenvrije boodschappen.

Je zou daarom kunnen zeggen dat Prime de bundel aller bundels is.

Een analist van Morgan Stanley concludeert nu op basis van Amazons omzetcijfers dat er wereldwijd 65 miljoen mensen lid zijn van Prime.

Hoeveel abonnementen kan een consument aan?

Eerst even deze grafiek, waaruit blijkt dat adblockers wereldwijd 30 procent populairder zijn geworden:

 

Aldus anti-adblockerbureau PageFair (klik op afbeelding voor details)

Neem daar de dominantie op de advertentiemarkt van Facebook en Google bij, en je begrijpt: vrijwel elk mediabedrijf wil dat consumenten hen direct gaan betalen voor content. Continue reading “Hoeveel abonnementen kan een consument aan?”

Deze uitgevers nemen hun publiek wél serieus

Heuglijk nieuws!

Tussen al die uitgevers die hun publiek niet als bron van kennis zien en de lezersreacties op hun sites sluiten, vormen The Economist en The Washington Post mooie uitzonderingen.

De eerste kondigde deze week aan in lezersinteractie te willen investeren en de tweede wijdt een wekelijkse nieuwsbrief aan lezersreacties.

Voor wie het gemist heeft: hier een beknopte uiteenzetting waarom het zo belangrijk is om de kennis van je publiek te winnen.

Drie goede voornemens voor de media in 2017

Oudjaarsdag! Dus ik dacht: ik schrijf drie goede voornemens voor de media op.

1. We maken dingen waar het publiek graag voor betaalt

The New York Times en The Washington Post hebben twee dingen gemeen: ze zien hun advertentie-inkomsten dalen en hun abonnementen-omzet stijgen. Of die stijgende lezersomzet de dalende advertentieomzet kan compenseren? Vast nog niet, maar het is wel een groeimarkt. The way to go.

Kijk maar naar de muziek- en filmwereld, waar ze er allang achter zijn.  Continue reading “Drie goede voornemens voor de media in 2017”

‘Journalisten hadden Trump niet letterlijk moeten nemen’

Vox schreef voor de verkiezingen nog maar eens op hoeveel nepinformatie succesvol via Facebook verspreid werd.

Zo ging afgelopen weekend een nep verhaal over hoe Clinton fraudeert tijdens de verkiezingen gigantisch de ronde.

Vox haalt ook een onderzoek van Buzzfeed aan, waaruit blijkt dat Macedonische oplichters geld verdienen aan het verspreiden van duizenden nepberichten die het goed doen onder Trump-supporters (aan Clinton-aanhangers bleek minder geld te verdienen).

Facebook is hier deels verantwoordelijk voor, omdat haar algoritme stukken onder de aandacht brengt die haar gebruikers graag delen.

Allemaal waar natuurlijk.

Maar wat me wel tegenstaat in dit soort artikelen is het slachtoffertje spelen van journalisten. ‘Facebook zorgt voor perverse prikkels’, schrijven ze bij Vox. Continue reading “‘Journalisten hadden Trump niet letterlijk moeten nemen’”

Push-notificaties die via de browser werken

Een van de grote uitdagingen voor publicaties is om in het ritme te komen van haar lezers. Dat kan via nieuwsbrieven of via sociale netwerken. Maar bij beide middelen weet je niet zeker of je lezers het bericht zien.

Bij een push-notificatie kun je daar wel van uitgaan. Daarom maken uitgevers nog steeds graag dure native apps voor telefoons, omdat ze dan notificaties kunnen sturen.

washpost-alerts

Op de desktop nemen de mogelijkheden voor push-notificaties ook toe. Bijvoorbeeld via de Google browser Chrome. In dit gelinkte artikel komen een aantal uitgevers aan het woord die daarmee experimenteren.

Zoals The Washington Post, die nu twee maanden proefdraait. 200.000 lezers maken er gebruik van, dat is 10 procent van het aantal bezoekers dat in totaal langskwam. Tot nu toe verstuurde de krant twintig alerts (van breaking news tot long reads) met een gemiddelde click-through rate van 33 procent.

Dit lijkt me ook een experiment waard in Nederland. Kent iemand goede voorbeelden?

Hoe The Washington Post lezers betrekt bij Trump-onderzoek

Ik hou van journalisten die niet alleen maar denken over het verslaggeven zelf, maar ook over hoe ze hun verhaal zo goed mogelijk bij een publiek kunnen krijgen.

Zoals deze man van The Washington Post, die een belangrijke maar vrij saaie opdracht had: kijk of Donald Trump de waarheid spreekt over zijn filantropie. Continue reading “Hoe The Washington Post lezers betrekt bij Trump-onderzoek”

Vier keer nieuws over digitale abonnementen

Nu door de dominantie van Facebook en Google traditionele online-advertentie-inkomsten opdrogen, komt de onafhankelijkheid van journalistieke media in het geding. Want hun uitgevers grijpen nu naar branded content, en daarmee zetten ze hun redactionele omgeving in de etalage.

Dus moeten we om de journalistiek te redden massaal lezers overtuigen te betalen voor de controle van de macht. Bijvoorbeeld via micropayments, of via abonnementen/ lidmaatschappen.

Trouwe lezers kennen dit riedeltje al, dus laten we snel naar het laatste abonnementennieuws gaan: Continue reading “Vier keer nieuws over digitale abonnementen”

Van elke dollar online advertentiegeld gaat 85 cent naar Google en Facebook

De eerste barstjes in het verdienmodel van het virale web werden begin dit jaar zichtbaar door enkele ontslagen bij kleinere sites. Maar nu Buzzfeed haar omzetprojectie voor 2016 heeft gehalveerd en Mashable massaal mensen ontslaat, luidt mediaverslaggever John Herrman van The New York Times in dit stuk de noodklok.

Het probleem: advertentie-inkomsten kunnen de miljoenenwaarderingen van sites als Buzzfeed niet waarmaken. Want adblockers worden steeds populairder en van elke dollar online advertentiegeld gaat 85 cent naar Google en Facebook, aldus Morgan Stanley in de Times. Hoe verdien je dan – los van branded content – geld?

Met abonnees! Zegt bijvoorbeeld Jeff Bezos van The Washington Post. En volgens deze analyse bij Monday Note is dat het enige model voor kwaliteitsjournalistiek.

Maak kennis met twee media moguls

1. De eigenaar van Amazon en The Washington Post

Juichend stuk uit Fortune over één van de machtigste mensen in de mediawereld: Jeff Bezos. Naast zijn almachtige Amazon, is hij ook eigenaar van The Washington Post en een raketbouwer. Verwacht geen kritische blik in dit stuk, zie het eerder als een kennismaking met zijn nieuwe leiderschapsstijl. Zo moedigt hij The Washington Post bijvoorbeeld aan hun eigen software te ontwikkelen.

2. De CEO van Google

Sundar Pichai kan gewoon nog anoniem over de grootste elektronicabeurs ter wereld lopen – ‘What are you, press?‘. Maar in zijn thuisland India is hij een rockster.

Heel mooi profiel bij Buzzfeed van een beetje ambigue leider die Google een vriendelijker imago moet geven en de volgende 1 miljard mensen online dient te krijgen.

Vox en The Washington Post verkopen nu ook hun content management systeem

Zoals eerder op deze blog vermeld, is het moeilijk voor nieuwe mediaimperiums als Vox en Buzzfeed om hun torenhoge investeringen terug te verdienen met alleen advertenties. Daarom zoeken ze alternatieve inkomstenbronnen.

Eén daarvan: het licenseren van hun eigen content management systeem. Dat kondigde de baas van Vox op South by Southwest aan. Ook The Washington Post licenseert haar software, en heeft al vijf klanten aan boord.

Er zit wel een paradox in dit verdienmodel. Zowel Vox, maar bijvoorbeeld ook een club als Buzzfeed, staan er op voor dat hun software de ‘secret sauce’ van hun succes is. Toen Ezra Klein wegging bij The Washington Post, schreef wijlen David Carr zelfs dat Klein voor de software naar Vox vertrok.

Raak je dat concurrentievoordeel niet kwijt als je het licenseert?

(Hier trouwens een uitgebreide bespreking van Vox’ Chorus)

 

Wat we in Nederland van Jeff Bezos kunnen leren

Jeff Bezos was op bezoek bij zijn krant, The Washington Post, voor een vraag-antwoord-sessie met het personeel. Zijn journalisten deden via Twitter live verslag. Uit deze bloemlezing komt de strategie van Bezos goed naar voren. Ik denk dat deze – ondanks de verschillende markten – ook goed zou werken voor de grote Nederlandse kranten:

  • Gewoon de komende tien, twintig jaar geld blijven verdienen met print, en de winsten daarvan investeren in online;
  • Het grote bezoek aan de site zoveel mogelijk omzetten in digitale abonnementen;
  • Maak de digitale abonnementen niet te duur (I’m looking at you, ALLE Nederlandse kranten). Verdien liever minder aan een grotere groep, dan meer aan een kleine (tenzij je een nichekrant bent als het FD).