Categorie: Publiceren

We leven in een geweldige tijd: iedereen kan zijn of haar kennis online delen. Met tools als Wordpress, Mailchimp en Shopify bouw je in een handomdraai je eigen publicatie. Maar dan begint het moeilijke gedeelte: schrijven! In deze artikelen deel ik mijn aanbevelingen.

  • Stiekem ontwikkelt Substack zich tot een content discovery-platform. Voor mij werkt het.

    De Substack-nieuwsbrieven waar ik een abonnement op heb, lees ik niet meer via e-mail. Ik volg ze via de Substack-app.

    Sterker nog, sommige lees ik niet meer, die beluister ik.

    Zoals die Steven Johnson.

    (meer…)
  • ‘Well known’ versus ‘known well’

    Gisteren schreef ik over hoe je toeval en geluk kunt inroosteren.

    Dat idee haalde ik uit de podcast My First Million met Andrew Wilkinson.

    In hetzelfde gesprek besprak mede-presentator Shaan Puri hoe je de kans op toevallige of onverwachte waardevolle dingen ook kunt vergroten door te doen wat ik nu doe:

    Publiceren.

    (meer…)
  • Sinds een halfjaar ben ik weg bij De Correspondent. Negen jaar lang stond vrijwel alles wat ik deed in het teken van dat mediamerk.

    Maar nu ben ik als zelfstandige podcastmaker en schrijver ‘een eigen merk’. Ook als ik daar geen zin in zou hebben, is dat nodig.

    Zoals de fictieve manager uit de film Yesterday zegt:

    “If you don’t have an image, then the lack of image becomes an image.“

    Samen met Alexander en het bureau Unlike kijk ik hoe we POM meer als merk kunnen uitbouwen, en hoe dat in verhouding staat tot onze ‘eigen merken’.

    Via het “Personal Brand”-rapport van Trends.vc, luisterde ik naar een interview met schrijver James Altucher over personal branding. Daar deed ik drie mooie inzichten uit op:

    1. Een persoonlijk merk bouw je op door verhalen te vertellen. Een goed verhaal herken je volgens Altucher als je bang bent om het te publiceren.
    2. Publieke kwetsbaarheid geeft vrijheid. Hoe meer je prijsgeeft van je twijfels en mislukkingen, hoe minder angst dat anderen je daarop kunnen pakken.
    3. Er moet ook brood op de plank kopen. Het verwijt om jezelf in de uitverkoop te doen, ligt al snel op de loer (zeker in Nederland). Altucher zegt: zolang je niet het vertrouwen van je publiek in de uitverkoop zet, zit je goed: “You’re not selling out if you’re selling.”
  • Ik kan echt genieten van nerds die buitensporig veel tijd in hun persoonlijke sites steken. Neem Robin Rendle, die in een heel mooi vormgegeven essay de liefde verklaart aan nieuwsbrieven:

    Screenshot van het essay

    Zet je browser op volledig scherm en navigeer er met je toetsenbord doorheen.

    Waar het essay over gaat: Rendle constateert dat schrijvers hun teksten voornamelijk via nieuwsbrieven publiceren.

    • Terwijl het zo’n privacy-onvriendelijke en technisch beperkte technologie is.
    • Op sites kun je prachtige typografie en nieuwe vertelvormen inzetten (zoals zijn essay).
    • Maar het is veel te ingewikkeld om een site te bouwen. Die technologie zou verbeterd moeten zijn in de afgelopen twintig jaar, maar we hebben deze verwaarloosd omdat we ons op sociale platforms richten.

    Rendle ziet een oplossing: RSS opnieuw lanceren, een andere naam geven en introduceren als standaardfunctie binnen de browser:

    I expect legions of people would adore it. No longer would you have to give all these strangers your email address to sign up for the newsletter.

    Waarom dit belangrijk is: dan hoeven we geen nieuwsbrieven meer te versturen om lezers op de hoogte te brengen van een nieuw stuk, en kunnen we profiteren van de prachtige vertelvormen die het web rijk is.

    Is RSS is niet te ingewikkeld? Nee, het werkt prima als massa-distributiemiddel voor podcasts.

    Ook leuk om van Rendle te lezen: Take care of your blog.

  • Na eindeloze aanmoediging van Gary Vaynerchuk en het een laatste zetje van het Amsterdamse bureau Unlike ben ik begonnen aan TikTok. Ik hoop mijn interviews er een breder publiek te geven en mijn eigen merk te versterken.

    Het netwerk fascineerde me al tijden omdat het algoritme voor een level playing field zorgt: ook als je weinig volgers hebt, kun je mensen bereiken.

    Daardoor ben ik nu videos uit mijn archief aan het delen. Twee fragmenten van Marcel van Roosmalen die me in POM met de grond gelijkmaakt zijn binnen twee dagen gezamenlijk 20.000 keer bekeken, ook al heb ik een handvol volgers. Nu is veilig om te stellen dat Marcel overal viraal gaat tegenwoordig, maar ook video’s Piet Oudolf en Typhoon (beide uit Jonge Jaren) hebben binnen een paar dagen meer views op TikTok dan de tien YouTube-fragmenten die ik al maanden van ze online heb staan.

    Voorlopig blijf ik dus nog even mooie fragmenten uit mijn archief delen.

    Maar om mijn account zelf ook interessant te maken is natuurlijk ook originele content nodig.

    Daarom ga ik de how-to stukken van deze blog vertalen naar TikTok-video’s. Zoals: zo maak je van boeken lezen een gewoonte.

    Daarbij houd ik rekening met deze ‘mindsets‘ waarmee Europeanen op TikTok zitten:

    “The majority of the TikTok community fell into a combination of four core mindsets which differentiated the platform to competitors: ‘Entertain me’, ‘Participate’, ‘Uplift’ and ‘Discover’. Each mindset category brought with it a different state of mind and therefore big implications for the marketing industry.”

    New research from TikTok lifts the lid on new consumer mindsets

    Niet vergeten grapjes te maken dus.

  • Walt Disney had een goede neus voor nieuwe technologie

    Wat me opviel tijdens het lezen van Walt Disney’s biografie is dat hij altijd direct nieuwe technologieën in de entertainmentwereld uitprobeerde.

    Disney hoopte op een first movers’ advantage.

    (meer…)
  • Ben je media-ondernemer? Dan heb je vast iets aan het Disney-model

    Binnenkort brengen we in POM een ode aan Disney, met radiodj Michiel Veenstra. Ik heb er zin in, want de bedrijfsvoering van het vroege Disney inspireert me al jaren.

    Walt Disney heeft de eerste decennia van zijn carrière obsessief animatiefilms gemaakt. Alle opbrengsten stak hij direct weer in zijn nieuwe film. Geld was geen doel, slechts een middel:

    “If you want to know the real secret of Walt’s success,” longtime animator Ward Kimball would say, “it’s that he never tried to make money. He was always trying to make something that he could have fun with or be proud of.”

    Maar als je er altijd te weinig van hebt, kan geld behoorlijk afleiden. De eerste paar hoofdstukken van de geweldige Disney-biografie van Neal Gabler gaan vrijwel alleen maar over geldzorgen.

    Gelukkig kwam in 1932 Kay Kamen in het leven van Disney. Deze merchandise-handelaar zag een groot commercieel potentieel in de animatiepersonages van Disney.

    En daarmee een einde aan de geldzorgen.

    (meer…)
  • Toen Stephen King in 2003 Amerika’s meest prestigieuze literaire onderscheiding ontving, deed dat veel stof opwaaien. Want zijn boeken – zoals The Shining, Carrie en The Green Mile – zijn géén literatuur, aldus enkele poortwachters.

    In een vlammend dankwoord maakt hij die critici onschadelijk door ze te omarmen (iedereen die discussieert over literatuur is een vriend). Maar daar wil ik het verder niet over hebben.

    Want King vertelt indrukwekkend over zijn jonge jaren. Een tijd van armoede voor zijn gezin met twee kinderen:

    There were some hard, dark years before Carrie. We had two kids and no money. We rotated the bills, paying on different ones each month. I kept our car, an old Buick, going with duct tape and bailing wire. It was a time when my wife might have been expected to say, “Why don’t you quit spending three hours a night in the laundry room, Steve, smoking cigarettes and drinking beer we can’t afford? Why don’t you get an actual job?”

    Maar zijn vrouw – Tabitha King – deed dat niet.

    (meer…)
  • Als je iemands werk bewondert, vergeet je af en toe dat die persoon ooit het vak heeft moeten leren. Dat is zonde, want voor je het weet denk je dat jij wel nooit zo goed gaat kunnen worden, omdat je huidige werk in geen vergelijking staat tot het briljante werk van je voorbeeld.

    Daarom maak ik Jonge Jaren en daarom luisterde ik met veel plezier naar twee gesprekken van schrijver Michael Lewis (bekend van Moneyball en The Big Short).

    Samen met audiojournalist Ira Glass (This American Life) en auteur George Saunders (Tenth of December) blikt Lewis terug op hun oude werk. Ze lachen om zinnen als ‘you could almost hear them thinking’ en oersaaie reportages over supermarkten. 

    Wat was het punt waarop ze ‘hun stem’ gevonden hadden? Als je het plezier dat ze in hun werk hebben daadwerkelijk kunt horen of lezen in hun werk. Voor Ira Glass was het een reportage in de Oreo-fabriek. Voor George Saunders toen hij zijn manier van borrelpraat voeren ook op papier ging gebruiken. Voor Michael Lewis toen hij zijn ervaringen uit schimmige boiler rooms neerpende.

    Dat duurde bij hen alle drie járen.

  • Ergens in 2016 ben ik gestopt met het lezen van mijn RSS-feeds. Als ik me het goed herinner omdat ik me volledig wilde richten op de Engelstalige campagne van De Correspondent.

    Maar bij De Correspondent ben ik recent gestopt en in dit nieuwe bestaan heb ik weer zin om weer RSS-feeds te lezen.

    Mijn login bij rss-lezer Feedly deed het nog. Daardoor zag ik alle feeds die ik in 2016 volgde. Alsof je een kamer inloopt waar je zes jaar niet in bent geweest. Onder het laagje stof vind je een mooi tijdsbeeld.

    Vier observaties:

    1. Veel persoonlijke bloggers zijn gestopt. Van de bijna honderdvijftig feeds waren er zestien sites niet meer bereikbaar. Een stuk of zestig waren al een jaar of langer niet bijgewerkt. Voornamelijk persoonlijke blogs waren verdwenen. Mijn tabje ‘vrienden’ toonde vijf blogs die al vijf jaar niet waren bijgewerkt.
    2. Enkele populaire blogs zijn in content farms veranderd. Sites als Lifehacker en Problogger volgde ik destijds graag. Nu zitten ze onder de advertenties of recyclen ze oud werk. Een groot aantal populaire blogs lijken nu melkkoeien van mediabedrijven te zijn geworden.
    3. Bloggers als John Gruber (Daring Fireball) en Seth Godin zijn jaloersmakend consistent. Ze bloggen nog steeds even enthousiast en hoogwaardig als zes jaar geleden. Geef mij alsjeblieft tien procent van die vasthoudendheid en ik ben tevreden.
    4. Het voelt vertrouwd en motiverend om weer blogs te volgen en bovendien om zelf stukjes te tikken. Geen idee hoe lang ik het volhoud – ik ben geen Seth of John – maar voor nu voelt het heel leuk om mijn POM-items en NRC-columns voor te bereiden door RSS-feeds te lezen en hardop na te denken op deze blog.

    Mijn RSS-feed kan na zes jaar wel wat nieuwe feeds gebruiken. Voor elke blogger die stopte, is er vast weer een blogger bijgekomen.

    Daarom de vraag: welke blogs en sites volg jij graag?

  • Voor POM en Jonge Jaren ben ik altijd op zoek naar goede interviewtips. Tim de Gier attendeerde me op het volgende filmpje van Alex Blumberg, de man die This American Life en podcastproductiehuis Gimlet bedacht:

    In een podcast is het belangrijk om een gast verhalen te laten vertellen. Om dat voor elkaar te krijgen, adviseert Blumberg de volgende vragen stellen:

    • ‘Vertel me eens over de tijd dat…’
    • Het is een goed teken als een geïnterviewde dialoog napraat. Wat Wilfried de Jong bijvoorbeeld in Jonge Jaren deed:

    Ik kwam laatst bij de groenteboer iemand tegen, en ik denk ‘ik ken die kop’ en hij zei ‘Wilfried’ en ik zei ‘Hé Michael’. Die had bij mij op de middelbare school gezeten, wat is het dertien, veertien jaar oud, is dat de middelbare school? Maar nog lager zelfs gezeten. En ik zei: ‘Michael Scheffer, volgens mij. Jij wilde een hele mooie vrouw hebben, je wilde rijk worden en je wilde arts worden.’ Toen zei hij ‘dat is alle drie gelukt, en ben ik nog steeds’, dat zei hij. Dus hij was getrouwd, voor zijn gevoel met een mooie vrouw, dat kon ik niet verifiëren, en ik kon de rest ook niet verifiëren. Maar hij was in ieder geval arts geworden en hij was heel rijk. Ik zeg ‘dat zei je toen al man’ en dat is het gewoon geworden. Het was een zestiger! Dat vond ik ongelofelijk want ik wist het totaal niet wat ik wilde worden en ik zeg nu nog tegen mensen voor de grap ‘ik weet het eigenlijk nog steeds niet, maar het maakt me nu niet meer uit’.

    Wilfried de Jong in Jonge Jaren

    Vraag daarom: ‘Kun je me vertellen hoe het gesprek ging?’. Dan gaat de gast als het goed is het gesprek reproduceren.

    • ‘Vertel me over de dag dat je je realiseerde dat…’
    • Welke stappen moest je nemen om van punt A tot punt B te komen?
    • Om oprechte emotie en reflectie aan je gast te ontlokken: ‘Hoe voelde je je daardoor?’

    ‘Het is net therapie’, volgens Blumberg.

  • Wat TikTok heel aantrekkelijk maakt voor nieuwe makers is dat een video uit het niets heel populair kan worden.

    Dat komt omdat het algoritme aan elke gebruiker op de ‘For You’-tab videos presenteert die heel goed bij hun individuele smaak past. Daar kan ook een video tussenzitten van iemand met slechts een paar volgers.

    Daardoor heeft TikTok in vergelijking met volgers-gedreven netwerken als Instagram een redelijk level playing field.

    Zo wist de maker van de app Locket met een kakelvers TikTok-account toch een virale video te creëren die zijn service lanceerde:

    Moss credits Locket’s rapid adoption to going viral on TikTok, where he published videos to an accompanying company account for Locket where he could show off the app in action. His video received some 100,000 views over just a couple of days. Other TikTok users then began making their own content featuring the app and the custom sound used on the original Locket video.

    Locket, an app for sharing photos to friends’ homescreens, hits the top of the App Store

    Maar dat algoritme heeft ook een nadelige kant. Het filtert namelijk op woorden die het niet zo lekker doen in een commerciële context. Want uiteindelijk blijven het bedrijven die content zoeken die lekker samengaat met advertenties. ‘Brand safe’, noemen ze dat, en woorden als ‘dood’, ‘homofobie’ en ‘LGBTQ’ zijn volgens TikTok, Instagram en andere netwerken niet ‘brand safe’.

    Terwijl het wel belangrijke onderwerpen zijn. Bijvoorbeeld als je zelfdoding of discriminatie bespreekbaar wilt maken in je video.

    Makers kregen door dat het algoritme hun videos benadeelde. Daarom begonnen ze alternatieve woorden te gebruiken:

    • ‘Unalive’ in plaats van ‘dead’
    • ‘Panini’ in plaats van ‘pandemic’
    • ‘Accountants’ in plaats van ‘sex workers’
    • ‘Leg booty’ in plaats van ‘LGBTQ’

    Of emojis. Posts over de oorlog in Oekraïne kun je herkennen aan 🌻 en dit, 🌽, dit is porno.

    Taylor Lorenz beschrijft deze ontwikkeling in The Washington Post. En hoewel de aanleiding droevig is – belangrijke onderwerpen krijgen geen aandacht om ze niet lekker liggen bij adverteerders – vind ik de creativiteit die uit algospeak spreekt bemoedigend.