Categorie: Boekentips

Als ik een goed boek heb gelezen, laat ik het hier weten.

  • Acht inzichten over de psychologie van geld

    ‘Niemand is gek’. Dat is het belangrijkste inzicht dat Morgan Housel lezers van zijn boek De Psychologie van Geld wil meegeven.

    Dat lijkt af en toe natuurlijk wel zo. Als je van een vriend hoort dat hij al zijn vermogen cash op een bankrekening heeft staan. Of een vriendin die niet belegt maar liever haar hypotheek volledig aflost.

    Dan kan dat op jou gek overkomen. Want je hebt andere ideeën over geld.

    Dat is precies het punt, schrijft Housel: we worden allemaal gevormd door onze jeugdervaringen met geld. Voor iemand die altijd in armoede heeft geleefd, is een grote financiële buffer vanzelfsprekend. Iemand die door een onveilige jeugd onafhankelijkheid het allerbelangrijkst vindt, wil wellicht niet afhankelijk zijn van een hypotheekbank.

    Toch zijn er bepaalde inzichten waar iedereen wat aan heeft. Vergelijk het met een dokter: zij behandelt elke patiënt anders, maar gebruikt de medische wetenschap als basis. Die basis, maar dan voor geld, heeft Housel in een lekker beknopt boek opgeschreven. Dan kun je vervolgens zelf besluiten hoe je het in je financiële leven wilt toepassen.

    “Helpt me dit om goed te slapen ’s nachts?” is de beste universele richtingaanwijzer voor alle financiële beslissingen.

    (meer…)
  • Dat we in het tijdperk van de influencers leven, was me wel duidelijk. De weerkaatsing van de schijnwerpers op de Kardashians, Hadids en Pewdiepies van deze wereld bereikt ook mijn feeds.

    Maar door het boek Get Rich or Lie Trying van de Britse verslaggever Symeon Brown ontdekte ik dat de grootste groep influencers aan me voorbij is gegaan. De micro-influencers:

    [..] Nobody trusts big influencers; it’s the smaller micro-influencers [..] who are seen as more relatable, trustworthy and therefore commercially valuable.

    Symeon Brown – Get Rich or Lie Trying

    Misschien komt het omdat ik het geluk had op te groeien in een kansrijke omgeving. Brown had dat niet, en omschrijft hoe zijn Facebook-feed eruit ziet.

    (meer…)
  • Op vakantie las ik Building a Second Brain van Tiago Forte: een pleidooi voor het systematisch bijhouden wat je interessant vindt in een “tweede brein”. 

    Dat doe ik al een tijdje. Want door je leven vast te leggen, leer je jezelf beter kennen, je werk beter te doen en je mooiste gedachten te bewaren. 

    (meer…)
  • “Hoe krijg je het voor elkaar zoveel te lezen?” Dat vroeg een luisteraar van POM me tijdens ons Zoom-evenement, omdat ik  in de podcast vaak refereer aan gelezen boeken.

    Het korte antwoord is: door het gewoon te doen.

    Flauw natuurlijk, maar wat ik ermee bedoel: lezen is een activiteit die ik niet hoef te plannen. Het gebeurt gewoon. Ik had vorig kwartaal een paar van de meest drukke maanden uit m’n leven, maar ik las volgens mijn Readwise toch 19 boeken.

    De achtergrond van de vraag is denk ik hoe je ook op dat punt komt. Dat lezen gewoon onderdeel van je leven is.  

    “Ik kom op je vraag terug”, zei ik tegen de luisteraar. Bij dezen. Na wat zelfonderzoek heb ik acht gewoontes en methodes onderscheiden die me helpen bij het lezen.

    Ik deel ze in de laatste aflevering van POM, en heb ze hier ook uitgeschreven. 

    POM-aflevering over meer lezen

    Wat nog wel belangrijk is om te benoemen, is dat het natuurlijk met motivatie begint. Wáárom zou je meer willen lezen? 

    Ik lees graag omdat…

    1. boeken vaak een afronding zijn van een langdurig denkproces of onderzoek. Door het redactieproces en het karakter van het medium is een boek vaak een gecomprimeerde en vrij tijdloze versie van heel veel denkwerk. Daar laaf ik me graag aan!
    2. boeken mijn wereld vergroten. Ik vind het een luxe om een andere wereld in te kunnen duiken. Zoals onlangs die van de robber barons eind negentiende eeuw (later meer daarover). Door achter elkaar biografieën van mensen uit die tijd te lezen, ga ik lijntjes leggen en referenties begrijpen.
    3. het helpt lijnen in de geschiedenis te ontwaren. Zoals met die robber barons. Het is interessant om in de biografie van Andrew Carnegie te lezen hoe het huidige debat over filantropie zich verhoudt tot de kritiek die de staalmagnaat destijds kreeg. Of hoe de roep om regulering voor de techgiganten overeen komt met de strijd in Titan rond de marktmacht van olietycoon John D. Rockefeller. Alles herhaalt zich. 
    4. het relativerend werkt. Als ik denk dat ik een zware baan heb, lees ik in Team of Rivals over Abraham Lincoln en bedenk ik me dat ik in ieder geval geen burgeroorlog hoef te bedwingen met een ziek kind thuis. Schouders eronder en weer door. 
    5. het een vorm van escapisme is. Ik kan er echt naar uitkijken om na een pittige dag in een roman te verdwijnen en in de wereld van de auteur rond te lopen.
    6. het mijn gevoelens kan verdiepen. Wat een auteur als Karl Ove Knausgård over vaderschap schrijft, heeft me zoveel meer inzicht gegeven in mijn eigen gevoelens over mijn gezin. 
    7. ik bepaalde vaardigheden wil opdoen. Onderhandelen leerde ik uit Everything is Negotiable, openbaar spreken van Dale Carnegie en feedback geven van Kim Scott.

    Als je meer wilt lezen, loont het denk ik om je eigen motivaties op te schrijven. Dan weet je waar je het voor doet.

    Oké, dan kunnen we nu naar de praktische tips.

    8 tips om meer boeken te lezen

    1. Block geen tijd voor lezen, lees één minuut. Ik merk in mijn omgeving dat lezen gezien wordt als een activiteit waar je uren achter elkaar vrij voor moet maken. Maar een minuut lezen kan ook al waardevol zijn. Als je je maar over die eerste drempel heen zet. Vaak lees je dan toch langer door.
    2. Zorg dat er overal boeken beschikbaar zijn. Ik heb een Kindle op m’n nachtkastje, het homescreen van mijn telefoon bevat alleen maar lees-apps en in mijn woonkamer en kantoor slingeren overal papieren exemplaren. Daardoor is de drempel om te beginnen met lezen altijd laag.
    3. Bedenk hoe je je leesgedrag kunt afstemmen op je wensen. Waarschijnlijk heb je net als ik sterk uiteenlopende motivaties om te lezen. Ik koppel die motivaties aan rituelen. Zo lees ik fictie voor het slapengaan, lees ik non-fictie thuis overdag en lees ik de praktische leerboeken op kantoor. Door die duidelijke koppeling ontstaan sneller vaste gewoontes.
    4. Bedenk welke activiteit je voor lezen wilt inruilen. Een half uurtje minder Twitter per dag? Niet meer de ene talkshow kijken maar een boek erbij pakken? 
    5. Bedenk een thema waar je jezelf in wilt onderdompelen. Ik houd ervan om achter elkaar boeken te lezen over één bepaalde periode of alle boeken van één auteur. Dan ga ik verbanden zien en dat maakt lezen een meer verdiepende ervaring. 
    6. Houd een lijstje bij met boeken die je getipt worden of die je elders tegenkomt. Ik heb in mijn todoprogramma een lijstje genaamd ‘Om te lezen’ waar ik tips van vrienden of uit media meteen noteer. Zo zit ik nooit verlegen om een volgend boek om te lezen. 
    7. Onderstreep passages die je mooi of leerzaam vindt en neem ze over in een programma als Readwise*. Zo bouw je een mooi archief op en krijg je inzicht in wat lezen voor je betekent. Ik zet bij mijn highlights altijd een korte notitie, zodat ik over vijf jaar kan teruglezen waarom een passage me destijds raakte.
    8. Lees je op een ereader? Download dan voorbeeldhoofdstukken. Het is een gratis en toegankelijke manier om nieuwe auteurs te ontdekken. Als het bevalt, kun je het boek kopen.

    Ik hoop dat je iets aan deze leestips hebt!

    * Ontvang één maand gratis Readwise via deze link

  • Vroeger kwam het veel te vaak voor dat ik een dag lang alleen maar e-mailtjes wegwerkte, vergaderingen voerde, en met een leeg gevoel de werkdag eindigde. Wat had ik nou helemaal van waarde gecreëerd, vroeg ik me dan af.

    Maar dankzij deze vijf boeken lukt het me steeds vaker om geconcentreerd waardevol werk te verrichten, en sluit ik met een voldaan gevoel mijn dag af.

    Hopelijk heb jij er ook iets aan!

    1. Het standaardwerk: Mihály Csíkszentmihályi – Flow 

    In de jaren zeventig vroeg onderzoeker Mihály Csíkszentmihályi aan duizenden mensen over de hele wereld waar ze gelukkig van werden. Hoewel de geïnterviewden van allerlei verschillende activiteiten gelukkig werden, beschreven ze de ervaring hetzelfde: als een ‘flow’. Dat is een mentale staat waarin we ons helemaal in een activiteit verliezen en waar we heel gelukkig van worden. In dit boek uit 1990 beschrijft Csíkszentmihályi hoe je je leven zo kunt inrichten dat je zo vaak mogelijk in een flow komt. Het is nog steeds een zeer leesbaar boek.

    (Engelstalige versie)

    2. De praktische invulling: Cal Newport – Deep Work 

    Computerwetenschapper Newport gaat verder waar Flow stopt: hij geeft vier strategieën om ervoor te zorgen dat je aan diep werk toekomt (het type werk wat bij flow hoort). En hij leert je hoe logistiek werk – e-mails, vergaderingen – in dienst van dat diepe werk kan staan.

    (Nederlandse versie / Engelstalige versie)

    3. Fuck pretenties (en passie):  Elizabeth Gilbert – Big Magic

    Enthousiasmerend pleidooi voor pretentieloze creativiteit, van de schrijver van Eat, Pray, Love. Gilbert haalt enkele creatieve mythes onderuit, zoals ‘volg je passie’. Dat is een benauwend concept, vindt ze, want hoe kom je er in hemelsnaam achter wat je passie is? Volg liever je nieuwsgierigheid. Dat is laagdrempeliger en word je waarschijnlijk gelukkiger van. Met zulke adviezen is het hele boek gevuld. De af en toe wat kitschspiritualiteit wat mij betreft negeren. 

    (Nederlandse versie / Engelstalige versie / interview dat ik met Gilbert had)

    4. Onderhandel om ruimte te maken: Gavin Kennedy – Everything is Negotiable

    Nee-zeggen, ruimte creëeren en goed betaald worden zijn heel belangrijke factoren voor creativiteit. Ik heb daarom geen enkel praktisch boek zo vaak aangeraden als Everything is Negotiable. Dat komt omdat Gavin Kennedy zeer verhelderend uitlegt hoe je over onderhandelen moet nadenken om er succesvol in te zijn. Om je een idee te geven: Kennedy vertelt bijvoorbeeld dat je een onderhandeling níét als een wedstrijd moet zien, maar als een proces waarbij je allebei tevreden uitkomt.

    (Engelstalige versie)

    5. Denk niet aan succes: Carol Dweck – Mindset

    Carol Dweck doet al decennia onderzoek naar wat de gevolgen zijn van hoe mensen over hun eigen intelligentie denken. Ze onderscheidt twee typen ‘mindset’. Als mensen een ‘fixed mindset’ hebben, geloven ze dat intelligentie is aangeboren en dat je niet slimmer kunt worden. Mensen met een ‘growth mindset’ geloven dat je door oefening slimmer kunt worden. Uit Dwecks onderzoeken blijkt dat het leerproces van mensen met een growth mindset effectiever én prettiger is dan dat van mensen met een fixed mindset. Je kunt je werk dan ook het beste als oefening zien en niet als een weg naar succes. Stel dat je een roman wilt schrijven: als je het schrijven als oefening ziet, en niet als manier om succesvol auteur te worden, dan is de kans groter dat je een steeds betere schrijver wordt en haal je uit het schrijven zélf ook al plezier.(Nederlandse versie  / Engelstalige versie)

  • Update (1 oktober 2020): Inmiddels heb ik Annejet van der Zijl samen met Alexander kunnen interviewen over haar werkwijze. Ze kan daar ontzettend enthousiasmerend over vertellen. Beluister het gesprek in je podcast-app.

    Annejet van der Zijl is net zo verslavend als Netflix

    Trouwe abonnees van mijn nieuwsbrief weten dat biografieën vaak de revue passeren. Maar vrijwel alleen maar Amerikaanse. Daarom vroeg ik laatst op mijn socials welke Nederlandse bio’s de moeite waard zijn. De meest genoemde boeken hadden één ding gemeen: ze waren geschreven door Annejet van der Zijl.

    Gevolg: tijdens een vakantie van twee weken in Zeeland heb ik haar boeken verslonden als ware het Netflix-episodes:

    1. Bernhard – over de ondergang van de Duitse adel, trouwen voor de duiten en het uitstekende PR-beleid van de prins tijdens WOII.
    2. Gerard Heineken – vrijwel niemand kent de grondlegger van Heineken, die ook zat achter de oprichting van het Rijksmuseum en De Telegraaf, diende in de gemeenteraad en van Amsterdam de wereldstad maakte die het nu is. Wat kreeg ik een energie van deze man! 
    3. Anna – Annie MG Schmidt debuteerde pas toen ze bijna veertig was, maar schrijven was al een houvast in haar Zeeuwse kindertijd. Prompt op Annie-bedevaart gegaan in Zeeland.
    4. Jagtlust – over een lyrische, Gooische kunstenaarskolonie in een vervallen landhuis in het naoorlogse Laren (je verzint het niet!), waar onder andere Remco Campert en Gerard Reve het gezelschap zochten van de mythische – en inmiddels grotendeels vergeten – dichteres Fritzi Harmsen van Beek.
    5. De Amerikaanse Prinses – Allene Tew – kleindochter van een Amerikaanse pionier – trouwde en handelde zich een weg naar een prinsessenschap in Europa. Ze verloor drie kinderen en haar Ware Liefde, maar vond zichzelf telkens opnieuw uit. “Degene die het beste kan omgaan met tegenspoed, heeft de meeste kans op voorspoed.”

    De rode draad van al deze boeken van Annejet van der Zijl is volgens mij dat mensen zichzelf altijd opnieuw kunnen uitvinden. Of je nu Nederlands populairste kinderboekenschrijver bent of een pioniersdochter uit het Amerika van de Burgeroorlog.

    Door deze professionele liefde voor Van der Zijl heb ik de romantiek en de verschrikkingen van de negentiende en begin twintigste eeuw een stuk scherper voor de geest en voel ik me aangemoedigd het leven meer te zien als een avontuur.

  • Tim Ferriss vroeg aan tientallen indrukwekkende mensen – van Esther Perel tot Yuval Noah Harari – om kort levensadvies. De antwoorden bundelde hij eind 2017 in een vuistdikke bloemlezing: Tribe of Mentors (bekijk op Bol.com). Hieronder volgen mijn notities.

    Die hield ik trouwens achterin het boek bij. Ferriss geeft lezers daar de mogelijkheid om een alternatieve inhoudsopgave te maken:

    Een mooi idee, wat ik nu toepas bij elk non-fictieboek dat ik lees.

    Een korte disclaimer voor je begint met het scannen van onderstaande adviezen: de charme van Tribe of Mentors is dat iedereen iets anders uit het boek kan halen. Wat volgt, zijn adviezen die voor mij relevant zijn – bijvoorbeeld omdat ik nu ergens mee worstel of naar streef. En misschien waren sommige adviezen voor mij al bekend, maar voor jou nog heel relevant. Dus ga het boek vooral ook zelf doornemen.

    (meer…)
  • Zojuist klapte ik Setting the Table van Danny Meyer dicht.

    Dat boek gaat over gastvrijheid in restaurants, maar ik trof er tal van lessen voor de journalistiek en ondernemen in aan. Die deel ik hieronder.

    Maar eerst: wie is Danny Meyer?

    Een restaurateur die in New York wereldberoemd is, maar in Nederland kent vrijwel niemand hem. Zijn speerpunt is gastvrijheid – in zijn restaurants moet het voelen alsof je bij vrienden eet.

    Meyer kwam de afgelopen vijf jaar twee keer in het nieuws in Nederland: toen zijn hamburgerketen Shake Shack naar de beurs ging en toen hij begon met het afschaffen van fooien. Desondanks is zijn boek niet naar het Nederlands vertaald.

    Ik ben door het boek fan geworden van Meyer. De afgelopen maanden at ik in zijn eerste restaurant Union Square Café (althans, de reïncarnatie daarvan), op mijn verjaardag bij zijn Blue Smoke barbecuerestaurant en, jawel, de Shake Shack. Daarnaast dronk ik koffie in Untitled en Daily Provisions.

    Deze plekken zijn allemaal onderdeel van zijn Union Square Hospitality Group, een bedrijf met inmiddels duizenden werknemers en zestien etablissementen.

    Maar het imperium begon met het jarenlang buffelen in een restaurantje aan Union Square. En over dat coming-of-age-verhaal gaat Setting the Table.

    Hieronder volgen mijn notities. Ik heb ze uitgeschreven om ervoor te zorgen dat ik zijn managementlessen goed onthoud, en om jou aan te moedigen dit boek ook een kans te geven. Je hoeft er geen Amerikaanse onlinewinkel voor te zoeken, tot mijn verbazing verkoopt Bol.com de paperback ook.

    Notities uit Setting the Table van Danny Meyer

    Leiderschap

    Op pagina 108 beschrijft Meyer dat je bij een groeiende start-up je leiderschapsstijl op een bepaald moment moet aanpassen:

    I managed by example, and I had yet to learn how critically important it is to lead by teaching, setting priorities, and holding people accountable.

    En op pagina 110:

    What had once been intuition – ripples I’d leave in my wake – could now be transformed into intentional waves.

    Ik streef er zelf ook naar om mijn leiderschapsstijl op die manier aan te passen (heel moeilijk, kost veel tijd en aanhoudende aandacht).

    Op pagina 139 schrijft hij:

    The only way a company can grow, stay true to its soul, and remain consistently successful is to attract, hire, and keep great people.

    Fair enough, hoe doe je dat?

    Op pagina 140:

    De ‘excellence reflex’: probeer in alles wat je doet – tot het schrijven van je mailtjes aan toe – zorgvuldig te zijn.

    En:

    We searched high and low for the rare employees who love teaching, know how to set priorities, work with a sense of urgency, and -most important-are comfortable with holding people accountable to high standards while letting them hold onto their own dignity. 

    Soms houd ik mijn mond als iemand niet aan hoge standaarden voldoet. Dat is eigenlijk oneerlijk  – want zo bied je iemand niet de mogelijkheid om te leren.

    I care enough about you to tell you the truth, even if the truth is tough to hear.

    (pagina 214)

    En op pagina 187:

    Three hallmarks of effective leadership are to provide a clear vision for your business so that your employees know where you’re taking them; to hold people accountable for consistent standards of excellence; and to communicate a well-defined set of cultural priorities and nonnegotiable values. Perhaps most important, true leaders hold themselves accountable for conducting business in the same manner in which they’ve asked their team to perform.

    Stel jezelf als manager telkens deze vraag:

    Why would anyone want to be led by me?

    Hoge standaarden: een zoutvaatje

    Over die hoge standaarden….

    Dit vertelde steakhouse-fenomeen Pat Cetta ooit aan Danny Meyer: als ondernemer heb je een bepaald idee voor je bedrijf. Het is als een zoutvaatje, dat je keurig midden op tafel zet. Maar je klanten en je medewerkers verschuiven door hun acties dat zoutvaatje telkens:

    “It’s not your job to be upset. You just need to understand: that’s what they do. Your job is just to move the shaker back each time and let them know exactly what you stand for. Let them know what excellence looks like to you. And if you’re ever willing to let them decide where the center is, then I want you to give them the keys to the store. Just give away the fuckin’ restaurant!”

    Goede communicatie: kikkers op een lelieblad

    Op pagina 192 schrijft Meyer, zeer herkenbaar:

    “We need to communicate more effectively”. I admit that for many years , I didn’t really know what this meant. I had no problem standing up in front of a group to give a talk. I thought I was a pretty good communicator, but then it dawned on me: communicating has as much to do with context as it does with content.

    En:

    Understanding who needs to know whatwhen people need to know it, and why, and then presenting that information in an entirely comprehensible way is a sine qua non of great leadership.

    Je medewerkers zijn als kikkers op een lelieblad. Als jij opeens een grote steen in het water pleurt, vallen de kikkers van het blad:

    “You did not give me advance warning or input about that decision you made. By the time I learned about it, the decision had already happened to me, and I was unprepared.”

    Maar als je het aankondigt….

    If only the frogs had had some warning about the impending rock toss, each one could have timed its jump so that the wave would have had no serious impact.

    En:

    Poor communication is taking away people’s feeling of control.

    En:

    Any company that thrives on a steady flow of creative ideas needs correspondingly strong communications.

    Aannemen nieuw personeel

    Op pagina 148 staan drie stevige vragen om jezelf te stellen wanneer je iemand aanneemt:

    1. Denk aan een dierbare  die een goede bullshit detector heeft. Stel dat je met die persoon een diner hebt met de kandidaat, wat zegt die dierbare dan aan het einde van de avond? ‘What the hell were you thinking’ of ‘Hire that person immediately’.
    2. Zou je het erg vinden als de kandidaat voor je grootste concurrent ging werken? Of zou je stiekem opgelucht zijn?
    3. Denk aan de mensen wiens oordeel je ontzettend belangrijk vindt. Meyers voorbeeld: een kritische vaste gast of restaurantrecensent. Wat zou je ervan vinden als die persoon in aanraking kwam met het werk van de kandidaat?

    En nog een bonusvraag op pagina 150:

    Finally, I ask our managers to weigh one other critical factor as they handicap the prospect. Do they believe the candidate has the capacity to become one of the top three performers on our team in his or her job category? If people cannot ever develop into one of our top three cooks […], why would we hire them?

    En ontslaan

    Op pagina 144:

    When an employee does not work out, the problem more often stems from an attitude of “I won’t” rather than “I can’t”.

    Notities maken

    Op pagina 38 beschrijft Meyer hoe hij het idee voor zijn eerste restaurant Union Square Cafe vormde door het maken van notities tijdens een lange reis door Europa:

    Everywhere, I scrutinized menus and analyzed restaurant design. I scribbled in my journal, chronicling and decoding every component that defined the distinctive allure of a trattoria or ristorante.

    Beyond describing dishes I had loved, the journal entries included notes and sketches for lightning fixtures, menus, architecture, flooring, and seating plans, and -tellingly- notes about how I felt treated wherever I slept or dined. I was developing my vision of my future restaurant by getting to know myself. Never before had I been alone for so long, and the experience was forcing and allowing me to think about and feel what truly mattered to me.

    En op pagina 42:

    My flight home from Rome was a scribble-fest. There were barely enough minutes within the eight-and-a-half hours for all the notes I was making on my time in Europe, and my plans for New York.

    Deze passages doet me aan twee dingen dingen:

    1. Het belang van systematisch notities maken en hoe je daardoor groeit als mens. Daarover schreef ik eerder dit artikel voor De Correspondent.
    2. Het belang van meerdere dagen alleen zijn om na te denken over wat je wilt. Dat advies gaf Tony Crabbe me ooit ook.

    In 2011 gaf Steve Jobs een beroemde afstudeerspeech waarin hij benadrukte hoe belangrijk het was om ‘dots’ te verzamelen en die te ‘connecten’. Vijf jaar eerder wijdde Meyer hier al een heel hoofdstuk aan. Hij heeft het over ABCD: always be collecting dots. Verzamel systematisch informatie, ook als het niet direct relevant lijkt. Vrij vertaald: kijk verder dan je neus lang is. Weet je wie er in je restaurants zitten? Doe je onderzoek naar je gasten? En hoe gebruik je die kennis om hun ervaring te verbeteren?

    Gastvrijheid

    Voor Meyer lijkt dit leidend: het vergroten van return business en word of mouth marketing door excellente gastvrijheid. Die gastvrijheid kan betekenen dat hij heel veel interesse toont, of hele goede service verleent, maar bijvoorbeeld ook door gul te zijn. Sleutel is om de verwachtingen van mensen te overtreffen (zie bijvoorbeeld de ‘eggs daffodil’ anekdote op pagina 95).

    Op pagina 90 omschrijft Meyer hoe hij over de schaalbaarheid van gastvrijheid denkt:

    I want to hear [from our guests, EJP]: “We love your restaurant, we adore the food, but your people are what we treasure most about being here.” That’s the reaction that makes me most proud and tells me we’re succeeding on all levels. I encourage each manager to take ten minutes a day to make three gestures that exceed expectations and take a special interest in our guests. That translates into 1,000 such gestures every year, multiplied by over 100 outstanding managers throughout our restaurants. For any business owner, that can add up to a lot of repeat business.

    Bedrijven die ik bewonder om wat ze aanbieden, zijn vaak bedrijven die obsessief bezig zijn met klantenervaring en telkens verbeteringen op dat vlak doorvoeren. Zoals Union Square Group. Of Amazon, dat’the world’s most customer-centric company’ probeert te zijn. Ik probeer mezelf er altijd aan te herinneren vanuit de klant te denken, en organiseer soms sessies rond de vraag: ‘Hoe kan ik als ondernemer meer customer-centric worden?’ Hoe kan ik met die bril naar bijvoorbeeld De Correspondent kijken?

    Op pagina 92 deelt hij een les van wijlen make-up-mogul Mary Kay Ash voor verkopers: iedereen heeft een onzichtbaar bord om hun nek hangen met daarop ‘Make me feel important’. Hoe ga je daarmee om?

    Kritiek krijgen

    Op pagina 182:

    A mark of a champion is to welcome scrutiny, persevere, perform beyond expectations, and provide an exceptional product – for which forgiveness is not necessary.

    En op pagina 186: je bent nooit zo goed als mensen zeggen en tegelijkertijd ook nooit zo slecht. Stay centered.

    Op pagina 216:

    You need to surround yourself with a team of people who will mirror your integrity but complement and compensate for your strengths and weaknesses.

    Nieuwe ideeën

    Op pagina 99 schrijft Meyer:

    I have never relied on or been interested in market analysis to create a new business model. I am my own test market. I am far more intuitive than analytical. If I sense an opportunity to reframe something I’m passionately interested in, I give it my absolute best shot.

    Ondernemen

    Op pagina 138 schrijft Meyer over Shake Shack, wat toen nog gewoon een hotdogtentje in een vervallen park was. Doel van Shake Shack was – naast winst maken – ook om het park op te lappen:

    Shake Shack became not just a huge success but also a wonderful business model. Because a percentage of every sale becomes rent, paid both to the conservancy and to the city, every hot dog, burger, frozen custard, or beverage purchased and enjoyed by a guest contributes something to the park’s ongoing vitality. Shake Shack is a useful example of a for-profit entity whose success contributes monetarily and programmatically to the community. It shows that you can do well by doing good.

    Aan het park huist tegenwoordig ook het beste restaurant ter wereld: Eleven Madison Park. Drie keer raden wie dat heeft opgericht.

    Als je als bedrijf wilt groeien: heb je genoeg ‘key employees’ die die groei kunnen dragen (p.273)? Wat is je ‘people depth’?

    Als een bedrijf even wat minder gaat

    Stel, een restaurant raakt steeds leger. Hoe ga je daarmee om? Op pagina 210:

    If you want to be busy, especially in times of scarcity and uncertainty, you can’t accept diminished standards of excellence in even one area. You do everything you possibly can afford to show your staff and guests that you care deeply about improving. [..] Investing money, imagination, and hard work to create a mind-set of abundance achieves abundance.

    Tegeltje over fouten maken op pagina 220:

    The road to success is paved with mistakes well-handled.

    En als je een fout maakt: gebeurd is gebeurd. Wat ga je er vervolgens aan doen? “If a mistake is made, write a great last chapter.” Hij beschrijft op pagina 222 hoe je door een combinatie van kwetsbaarheid en gulheid fouten kunt proberen goed te maken.

    En een lekkere afsluiter

    Foto Flickr / Thomas Hawk

    Voor in mijn Evernote-mapje ‘Plekken om te bezoeken’, dit zijn de shacks die Danny Meyer bezocht voor zijn onderzoek voor Shake Shack.

    • Ted Drewes – St. Louis
    • Steak ‘n’ Shake – St. Louis
    • Sheridan’s – Kansas City
    • Culver’s – Michigan
    • In-n-Out Burger – LA
    • Taylor’s Automatic Refresher – Napa
    • Gold Coast Dogs – Chicago
    • Super Duper Weenie – Conneticut
    • Clamps – Conneticut
    • Sycamore Drive-In – Conneticut

    Elke maand stuur ik mijn vrienden welke boeken ik gelezen heb. Wil je meelezen? Geef je hier op.

  • In Tools of Titans deelt Tim Ferriss de hoogtepunten uit zijn podcast The Tim Ferriss Show. Daarvoor interviewde hij ‘world class performers’ – zoals Kevin Costner, Arnold Schwarzenegger, Amanda Palmer en talloze sporters – over hun gewoontes en strategieën.  Hier mijn eerste bevindingen over dit boek (uitgebreide recensie volgt nog).

    Ferriss ziet zichzelf als een wandelend experiment. Zijn doel: optimalisatie van zowel zijn welzijn als productiviteit. Daarom schreef hij eerder The Four Hour Work Week (in zo min mogelijk tijd zoveel mogelijk geld verdienen), The Four Chef (heel gezond en goed eten) en The Four Hour Body (zo gezond mogelijk zijn). De man leeft voor lifehacks, zo lijkt het.

    (meer…)
  • Zojuist klapte ik Diep Werk van Cal Newport dicht. Een zeer praktisch zelfhulpboek dat diepe concentratie en gericht werken promoot.

    Voor De Correspondent schrijf ik een serie over zelfverbetering. Vaak gaan die afleveringen over het voorkomen van afleiding. Zo vaak, dat bijna het beeld ontstaat dat we nergens toe in staat zijn als we niet actief bezig zijn met het tegengaan van afleiding. Maar ik zou het niet op die negatieve manier willen zien. Liever denk ik: wie in staat is zich veelvuldig en gericht te concentreren, heeft automatisch op voorsprong op mensen die dat niet kunnen. Terwijl zij op hun smartphone turen, werk jij aan een groot project.

    Die gedachte zag ik bevestigd in Diep Werk van Cal Newport. Hij is computerwetenschapper aan de Universiteit van Georgetown en gelooft in het belang van ‘diep werk’. In zijn boek legt hij uit waarom, en hoe je er een concurrentievoordeel mee kunt behalen.

    Hij citeert verhalen van mensen die zich lange tijd opsloten om een nieuwe vaardigheid aan te leren (de financieel consultant die programmeur wil worden) of die zich structureel afzonderen en daardoor ongekend productief zijn (de collega-wetenschapper wiens deur altijd dicht is). Hyperbolen, natuurlijk, maar iedereen zal zich herkennen in het beeld dat oppervlakkige werkzaamheden te veel tijd innemen en met weemoed terugdenken aan die weinige maar fantastische keren dat je een staat van flow bereikte.

    De bespreking bewaar ik voor mijn column op De Correspondent, maar hieronder volgen mijn notities. Het boek is trouwens vanaf maart 2016 ook in het Nederlands verkrijgbaar.

    (meer…)
  • Met ballet heb ik weinig. Toch heb ik met veel plezier en ontzag de biografie  van Sergej Diaghilev (1872-1929) gelezen, de man die met Les Ballet Russes de balletwereld – en eigenlijk de gehele Europese kunstwereld – van begin vorige eeuw ingrijpend veranderde. De Nederlander Sjeng Scheijen beschrijft op grootse wijze op hoe de Russische aristocraat uitgroeide tot een grootheid door wie mensen als Pablo Picasso, Igor Stravinksy, Coco Chanel en Jean Cocteau zich lieten inspireren.

    (meer…)
  • In 2008 ontmoette ik op de enige bowlingbaan van Amsterdam de baas van Hyves. Een keer per jaar komt de internetscene daar samen om een balletje te werpen. We maakten een gemoedelijk praatje, en ik merkte niks bijzonders aan hem. Onlangs las ik zijn boek Van 3 naar 10.000.000 vrienden. Die bewuste avond, toen hij volkomen ontspannen aan zijn glas nipte, was Raymond Spanjar verwikkeld in keiharde onderhandelingen met MTV over een mogelijke overname. Hij kwam net uit de onderhandelkamer, en zou later die nacht weer doorwerken. What a guy.

    (meer…)